Pro-Iraanse groep eist brandstichting in Antwerpse Joodse wijk op
Maandagavond is in de Antwerpse Joodse wijk een wagen in brand gestoken. De brandstichting is opgeëist door de groep “Harakat Ashab Al Yamin Al Islamiya”, die gelinkt wordt aan pro-Iraanse netwerken. De claim is niet officieel bevestigd, maar past in een bredere reeks incidenten in Europa waarbij Joodse doelwitten worden geviseerd.
Gepubliceerd door Peter Backx
• Bijgewerkt op
Samenvatting van het artikel
- Een brandstichting in de Antwerpse Joodse wijk is opgeëist door een pro-Iraanse groep, terwijl het parket het motief nog onderzoekt.
- Het incident past in een reeks recente aanvallen op Joodse doelwitten in Europa, wat de bezorgdheid over toenemend antisemitisch geweld versterkt.
Twee minderjarige verdachten zijn opgepakt. Het Antwerpse parket onderzoekt het motief en benadrukt dat alle pistes openblijven. De wagen werd in brand gestoken in de Appelmansstraat, vlak bij het Centraal Station. Omstaanders konden het vuur snel blussen. Er vielen geen gewonden.
Hoewel officieel wordt gesteld dat het nog onduidelijk is of er sprake is van een antisemitisch motief, komt het incident op een moment waarop gelijkaardige feiten zich in snel tempo opvolgen in verschillende Europese steden.
Reeks incidenten van Luik tot Londen
De voorbije weken is er sprake van een opeenvolging van incidenten met Joodse doelwitten. In Luik werd begin maart een explosief geplaatst bij een synagoge. Kort daarna volgde een explosie aan een synagoge in Rotterdam, waar vier verdachten werden opgepakt. De Nederlandse autoriteiten gaven al snel aan dat de aanslag “naar antisemitisme ruikt”. In Amsterdam werd vervolgens een explosief geplaatst aan een Joodse school, waarbij de burgemeester sprak van een gerichte aanval tegen de Joodse gemeenschap.
In Londen werden afgelopen weekend vier ambulances van een Joodse hulporganisatie in brand gestoken. De Metropolitan Police behandelt de aanval als een "antisemitisch haatmisdrijf". De opeenvolging van deze feiten, in verschillende landen en in korte tijdspanne, versterkt de indruk dat er meer aan de hand is dan louter losstaande incidenten.
Snelle opeisingen
Wat opvalt, is de manier waarop verschillende van deze aanvallen worden opgeëist. Opeisingsberichten en beelden verschijnen vaak zeer snel op pro-Iraanse Telegramkanalen, soms bijna in real time. In sommige gevallen zouden aanvallen zelfs kort vóór de feiten online zijn opgeëist, waarna beelden enkele uren later volgen.
Daarnaast wijzen waarnemers op een terugkerend profiel van de uitvoerders. Het zou in meerdere gevallen gaan om lokaal gerekruteerde jongeren, wat doet denken aan methodes uit hybride oorlogsvoering. Tegelijk vertonen de opeisingsberichten vaak tekenen van amateurisme, zoals taalfouten of inconsistente symboliek, wat vragen oproept over de structuur en organisatiegraad van de betrokken netwerken.
Volgens experts past dit in een model waarbij lokale uitvoerders mogelijk worden aangestuurd of geïnspireerd via tussenpersonen of online netwerken. Er wordt daarbij gewezen op mogelijke banden met Iraanse invloedssferen, al is er voorlopig geen officieel bewijs dat rechtstreeks wijst op betrokkenheid van de Iraanse staat zelf.
Groeiend patroon
Autoriteiten in de betrokken landen hebben een verband gelegd met een toename van antisemitisch geweld, maar voorlopig is er nog geen bevestiging van een gecoördineerde campagne. Tegelijk wordt het steeds moeilijker om de opeenvolging van feiten als toeval te beschouwen. De combinatie van gelijkaardige doelwitten, snelle opeisingen en terugkerende werkwijzen wijst op een bredere dynamiek die verder gaat dan geïsoleerde feiten.
Binnen Joodse organisaties groeit dan ook de bezorgdheid. Waar incidenten zich vroeger vaker beperkten tot bedreigingen of vandalisme, is er nu vaker sprake van gerichte aanvallen op infrastructuur en symbolen van de Joodse gemeenschap.