Maakt de Straat van Hormuz van Iran een wereldmacht?
Olie is niet het enige dat door de Straat van Hormuz stroomt. Dat is al decennia een open geheim, maar de oorlog in het Midden-Oosten maakt het pijnlijk zichtbaar. Terwijl zowat alle aandacht uitgaat naar aardgas en ruwe olie, zijn het de minder zichtbare grondstoffen die stille ravage aanrichten in de mondiale industrie. Denk aan meststoffen voor de oogsten van morgen, zwavel voor elektrische-autobatterijen, methanol voor plastic, helium voor MRI-scanners,… De verstoring is enorm en de gevolgen duurzaam.
Gepubliceerd door Dominique Dewitte
Samenvatting van het artikel
- Iran dankt zijn geopolitieke invloed niet aan pure economische of militaire macht, maar aan de controle over de Straat van Hormuz.
- Die strategische doorgang beïnvloedt olie, grondstoffen, scheepvaart en de wereldeconomie veel sterker dan vaak wordt gedacht.
-De premisse dat maritieme corridors neutraal zijn en beheerst worden door internationaal recht is niet meer.
De Straat als machtswapen
Robert Pape, hoogleraar politieke wetenschappen aan de Universiteit van Chicago en expert in militaire strategie, formuleert het in de New York Times bijzonder scherp. Iran heeft de Straat van Hormuz niet 'gesloten' in de klassieke zin. Toch is het tankerverkeer er met meer dan 90 procent gedaald. Niet omdat Iran elk schip aanvalt, maar omdat de dreiging volstaat. Verzekeringsmaatschappijen trekken hun dekking in waardoor doorvaart economisch onhaalbaar wordt. Volgens maritieme databronnen stegen de vrachtkosten voor olietankers met meer dan 90 procent. Dat terwijl sommige verzekeraars hun dekking voor schepen in de Perzische Golf gewoon volledig stopzetten.
Moderne economieën hebben olie nodig die op tijd, op schaal en met voorspelbaar risico geleverd wordt. Wie dat begrijpt, begrijpt waarom Iran zonder de Straat fysiek af te sluiten toch de wereldeconomie in haar greep heeft.
Meer dan energie
De VN-handels- en ontwikkelingsorganisatie UNCTAD publiceerde de voorbije weken twee snelle analyses. De cijfers laten aan twijfel weinig te wensen over. Het scheepvaartverkeer door de Straat daalde met 95 procent. De globale handelsgroei zal in 2026 vertragen van circa 4,7 procent naar 1,5 à 2,5 procent. Dat heeft uiteraard gevolgen voor de globale economische groei die zal krimpen van 2,9 naar 2,6 procent. Enkel op voorwaarde dat het conflict niet verder escaleert.
Olie en gas vertellen maar een deel van de werkelijke ravage die deze oorlog aanricht. De Arabische Golf verwerkt minstens 20 procent van alle mondiale meststoffenexport. Voor ureum, de meest gebruikte stikstofmeststof ter wereld, loopt dat op tot 46 procent. Landen als India, Brazilië en China zijn zwaar afhankelijk van die aanvoer. In maart stegen de ureumprijzen al met bijna 20 procent. Zo schat UNCTAD dat de mondiale meststofprijzen in de eerste helft van 2026 gemiddeld 15 à 20 procent hoger zullen uitvallen als de crisis aanhoudt. Met onvermijdelijke gevolgen voor de voedselproductie en inflatie.
Midden-Oosten is een grondstoffenreus
De Congressional Research Service, het onderzoeksorgaan van het Amerikaanse Congres, bevestigt dat Iran, Koeweit, Qatar, Saoedi-Arabië en de VAE samen bijna een kwart van de wereldwijde zwavelproductie leveren. Op die manier is de regio goed voor de helft van het globale aanbod van zwavelzuur dat via de zee wordt verscheept. Dat zwavelzuur is onmisbaar voor de raffinage van nikkel, kobalt en koper, grondstoffen voor elektrische-autobatterijen. De effecten zijn al voelbaar in Indonesië en de Afrikaanse kopergordel.
Dan is er Qatar, dat bijna een derde van de mondiale heliumvoorziening levert. Dat is een grondstof die onvervangbaar is in de productie van halfgeleiders en de werking van MRI-scanners. Methanol, cruciaal voor de productiee van plastic, verven en synthetische vezels, stroomt voor een derde van de globale handelsvolumes via de Straat. Adviesbureau Roland Berger waarschuwt dat zelfs als de Straat morgen opnieuw opengaat, de effecten maanden zullen aanhouden. Toeleveringsketens herstellen niet van de ene dag op de andere.
De geopolitieke omslag
Pape gaat nog een stap verder: de conventionele wijsheid was dat de wereld evolueerde naar drie machtscentra: de Verenigde Staten, China en Rusland. Die analyse gaat ervan uit dat macht primair afgeleid wordt van economische schaal en militaire slagkracht. Die aannames zijn volgens hem voltooid verleden tijd.
Iran rangschikt volgens verschillende bronnen ergens tussen plaats 30 en 35 van de grootste economieën wereldwijd. Volgens Global Firepower (GFP), dat in zijn internationale index de militaire kracht van landen vergelijkt, rangschikt Iran op plaats 16, net voor Spanje. Een economische en militaire reus is het land allerminst. Maar de Islamitische Republiek controleert wel de doorgang waarvan 20 procent van het mondiale olie- en gasaanbod afhankelijk is. De Golfstaten, wier staatsinkomsten direct afhangen van energie-export, passen hun gedrag onvermijdelijk aan naarmate de onzekerheid aanhoudt. Landen in Azië, met name Japan, Zuid-Korea, India en China, zitten gevangen in een infrastructuur van raffinaderijen, scheepsroutes en opslagsystemen die niet snel te hervormen is.
Volgens Pape heeft China er belang bij dat de Golfenergie beschikbaar blijft, maar profiteert het tegelijk van hogere grondstofprijzen die de westerse industrie verzwakken. Rusland verdient beter aan volatieler olieprijzen. Iran vergroot zijn slagkracht. Samenwerking hoeft niet eens: de structuur van het systeem duwt hen in dezelfde richting. Zo ontstaat een nieuwe wereldorde, niet via een formeel bondgenootschap, maar via convergerende belangen die elkaar versterken.
De keuze die er geen is
De Franse president Macron verklaarde afgelopen donderdag in de krant Le Monde dat het 'onrealistisch' is om de Straat van Hormuz met geweld te openen. Volgens hem kan dit alleen in overleg met Iran. Eerder dan een toegeving, erkent Macron hier een structurele werkelijkheid. De premisse dat maritieme corridors neutraal zijn en beheerst worden door internationaal recht is niet meer. Elk land dat de Straat wil passeren, onderhandelt nu impliciet met Teheran. De ayatollahs presenteren de wereld met de geopolitieke rekening voor tientallen jaren van energieafhankelijkheid. Een factuur die kan tellen.