Signalen van financiële onevenwichten stapelen zich op (Ivan Van de Cloot)
Vooral in de voorbije twintig jaar is duidelijk geworden hoe belangrijk het is om tijdig signalen van onevenwichten in het financieel systeem op te pikken. Wie terugkijkt, ziet dat grote ontwrichtingen zelden uit het niets komen. Ze kondigen zich aan via kleine barsten in het systeem, die aanvankelijk vaak worden weggezet als beperkt of onder controle.
Gepubliceerd door Externe Bijdrage
• Bijgewerkt op
Samenvatting van het artikel
- Volgens Ivan Van de Cloot bouwen financiële onevenwichten zich opnieuw op, met signalen van spanningen in kredietmarkten en toenemende kwetsbaarheid bij vermogensbeheerders.
- De kredietcyclus lijkt te kantelen, wat niet noodzakelijk tot een crisis leidt, maar wel vraagt om verhoogde waakzaamheid.
Conjunctuur versus krediet
Het is daarbij belangrijk om een onderscheid te maken tussen de conjunctuurcyclus en de kredietcyclus. De eerste verloopt relatief voorspelbaar, met golven van groei en recessie die elkaar om de vier à vijf jaar opvolgen. De kredietcyclus heeft een veel langere adem. Net daar ontstaan de echte breuklijnen. De financiële crisis van 2009 kwam er niet plots. Ze diende zich al in 2007 aan, toen fondsen werden bevroren en verliezen begonnen op te stapelen. Toch bleef de geruststellende boodschap dat het allemaal zou meevallen, tot het systeem uiteindelijk implodeerde.
Barsten onder de oppervlakte
Vandaag zien we opnieuw spanningen ontstaan, zij het in een andere context. Zo beperkte een grote vermogensbeheerder, BlackRock, recent de opnames uit een miljardenfonds omdat de uitstroom te groot werd. Investeerders vroegen 1,2 miljard dollar op, maar uiteindelijk werd slechts 620 miljoen dollar uitgekeerd. Tegelijk werd de waarde van bepaalde leningen in recordtempo herleid tot nul. Dat soort gebeurtenissen is geen ruis, maar een symptoom.
Wie verder kijkt dan één speler, merkt dat het probleem systemischer is. De voorbije maanden doken meerdere dossiers op met afboekingen, faillissementen en onverwachte verliezen. Sommige kredietportefeuilles blijken kwetsbaarder dan gedacht en verliezen sijpelen door naar grote banken en investeringshuizen. De opkomst van vermogensbeheerders als kredietverstrekkers speelt daarin een belangrijke rol. Zij hanteren vaak soepelere normen dan traditionele banken, wat ruimte laat voor overdrijving en soms zelfs fraude.
De econoom John Kenneth Galbraith noemde dat fenomeen ooit de “bezzle”: een periode waarin verborgen verliezen zich opstapelen zonder dat iemand ze meteen erkent, tot ze plots zichtbaar worden. Dat moment lijkt dichterbij te komen.
Kanteling in de kredietcyclus
Steeds meer waarnemers zien aanwijzingen dat de kredietcyclus aan het kantelen is. De groei van private equity en private credit, jarenlang populair bij beleggers, begint haar keerzijde te tonen. Deze markten boden toegang tot een breder universum van bedrijven, maar niet alles wat daar groeit is gezond. Wanneer meerdere beleggers tegelijk naar de uitgang willen, wordt duidelijk hoe illiquide die activa soms zijn.
Dat bleek recent toen verschillende fondsen activa moesten verkopen om uitstappende beleggers terug te betalen. Aandelen van betrokken spelers kregen klappen en verliezen bleven niet beperkt tot één hoek van de markt. Bij sommige fondsen zit het probleem in het model zelf: ze beloven regelmatige liquiditeit terwijl hun onderliggende investeringen dat niet zijn. Dat werkt zolang het vertrouwen groot blijft, maar wordt riskant zodra dat vertrouwen afneemt. Elke investeerder doet er goed aan zich af te vragen of dit type belegging echt bij hem of haar past.
Dat er een verandering op komst is, blijkt ook uit het feit dat sommige financiële spelers voorzichtiger worden. Wanneer zij hun blootstelling aan private kredietfondsen verminderen, wordt financiering schaarser en duurder. Dat zet extra druk op een model dat jarenlang steunde op goedkoop geld.
Intussen zoeken beleggers nadrukkelijker bescherming tegen wanbetalingen. De vraag naar verzekeringen tegen kredietrisico is sterk toegenomen, wat wijst op groeiende nervositeit. Wanneer exits moeilijker worden, begint het systeem te haperen. Volgens analisten is de positionering op de markt zelfs de meest defensieve in jaren.
Een nieuwe crisis in zicht?
Betekent dit dat een nieuwe crisis onvermijdelijk is? Niet noodzakelijk. Wel wijst het op een duidelijke omslag in de cyclus. Zoals altijd in zulke fases geldt: wie tijdig handelt, beperkt zijn verliezen. Wie te laat reageert, betaalt de prijs.
De geschiedenis leert dat financiële systemen zelden onderuitgaan door één groot incident. Het is meestal het gevolg van een opeenstapeling van kleine signalen die te lang genegeerd worden. Die signalen zijn er vandaag opnieuw. De vraag is niet wie ze ziet, maar wie ernaar handelt.
Ivan Van de Cloot
Hoofdeconoom Stichting Merito