Een doorsnee Belgisch gezin bezit iets meer dan 285.000 euro
Het vermogen van de Belg blijft toenemen, maar het tempo zwakt wel af. Volgens een onderzoek van Keytrade Bank en de Universiteit van Gent bedraagt het mediaanvermogen van de Belgen zo'n 286.000 euro, wat een fractie meer is dan eind 2024.
Gepubliceerd door Niels Saelens
Het mediaanvermogen van een Belgisch gezin is sinds het einde van 2024 met 3,3 procent gestegen tot welgeteld 286.250 euro. Daarmee nam de rijkdom van de Belg iets forser toe dan de inflatie, die voor diezelfde periode uitkomt op 2,4 procent. De reële welvaart is met andere woorden met minder dan 1 procent toegenomen. Dat blijkt uit een onderzoek van Keytrade Bank en de Universiteit van Gent.
"Het vermogen van de Belgische huishoudens blijft toenemen, maar duidelijk aan een lager tempo. In 2024 hadden we nog een vermogensgroei die de inflatie ruim overtrof. Dit jaar is het verschil veel nipter", merkt Koen Inghelbrecht, professor aan de Universiteit Gent, op.
Vermogen bestaat voor de helft uit vastgoed
Het is geen geheim dat de Belg met een baksteen in de maag is geboren. En dat valt ook op als we naar de samenstelling van het Belgische vermogen kijken. De mediaanwaarde van de gezinswoning steeg naar 325.000 euro, een toename van 8,3 procent op een jaar tijd. Dankzij die opmerkelijke stijging is de gezinswoning voor de eerste keer goed voor meer dan de helft van het vermogen van Belgische huishoudens, met een toename van 45 naar 51 procent.
Die vastgoedhonger heeft weliswaar een impact op de schuldenlast. Zo is de mediaanschuld met 16,5 procent gestegen tot 97.500 euro. “Vooral hypothecaire leningen spelen hierin een belangrijke rol. Deze stijging hangt samen met onder meer hogere vastgoedprijzen, stijgende rentevoeten en hogere renovatiekosten”, aldus Inghelbrecht.
Spaarboekje maakt een comeback
Voorts blijkt uit het onderzoek van Keytrade Bank en de Universiteit van Gent dat de Belgen meer en meer geld op hun spaarboekje parkeren. Dat is nog een gevolg van de lancering van de Van Peteghem-bon, een fiscaal voordelige staatsbon met een looptijd van een jaar, in 2023. Die bracht netto 2,81 procent op, wat meer was dan wat eender welk spaarboekje toen in het laatje bracht. De Belgen belegden toen bijna 22 miljard euro in de overheidsobligatie.
In 2024 herinvesteerden heel wat huishoudens het vrijgekomen geld van de staatsbon (plus de interesten) in (kortlopende) termijnrekeningen. Toen een groot deel daarvan vorig jaar verviel, waren nieuwe termijnrekeningen door de lage rente veel minder interessant. En zo verschoof heel wat financieel vermogen terug naar het klassieke spaarboekje. Zo groeide geld in cash of op zicht- en spaarrekeningen opnieuw van 9 naar 11 procent van het totale vermogen.
Bovendien spaart de Belg fervent verder. De spaarbuffers groeien opnieuw aan met 42 procent van de Belgische huishoudens die intussen minstens 12 maanden aan inkomen op de spaarrekening heeft staan, tegenover 33 procent in 2024.
Koopkracht beschermen
De spaarboekjes schieten weliswaar tekort om de koopkracht te beschermen. Daarom raden experts aan om een deel van jouw vermogen te beleggen, althans als je een voldoende grote spaarbuffer hebt aangelegd. Uit het onderzoek blijkt dat vooral grote vermogens bereid zijn om te investeren in onder meer aandelen. De top 5 procent vermogens spreidt zijn kapitaal bewust over rendementsgerichtere activa en bouwt zo een sneeuwbaleffect op.
“Wie kiest voor producten met een hoger rendement, ziet zijn vermogen sneller groeien dankzij het rente-op-rente-effect. Toch zien we dat de meeste Belgen opnieuw kiezen voor het veilige spaarboekje. Dat zien we ook terug in onze dagelijkse praktijk. Tegelijkertijd zijn het vooral de grote vermogens die producten met een hoger risico en bijbehorend hoger rendement opzoeken en zo hun geld meer voor zich laten werken”, bevestigt Vincent Questiaux, CEO van Keytrade Bank.