Federale regering bereikt finaal akkoord over pensioenhervorming
De federale regering heeft vrijdag een finaal akkoord bereikt over de pensioenhervorming. Eerst bereikte het kernkabinet een consensus, waarna ook de voltallige ministerraad het licht op groen zette. Het voorstel van minister van Pensioenen Jan Jambon (N-VA) is een van de belangrijkste hervormingen van de regering-De Wever en wordt nu voor bespreking naar het parlement gestuurd.
Gepubliceerd door Redactie
Samenvatting van het artikel
De federale regering heeft een finaal akkoord bereikt over de pensioenhervorming van minister van Pensioenen Jan Jambon. De hervorming voert onder meer een pensioenmalus in voor wie vervroegd stopt met werken zonder voldoende gewerkte jaren, maar voorziet ook een pensioenbonus en enkele verzachtende maatregelen. Het wetsontwerp gaat nu naar het parlement voor verdere bespreking.
De meest opvallende maatregel in de hervorming is de invoering van een pensioenmalus. Wie vervroegd met pensioen gaat zonder voldoende gewerkte jaren, zal een deel van zijn of haar pensioen verliezen. Daarvoor geldt een dubbele voorwaarde: een loopbaan van minstens 35 jaar met elk jaar minstens 156 effectief gewerkte dagen, én in totaal 7.020 effectief gewerkte dagen over de volledige loopbaan. Tegelijk wordt ook een pensioenbonus voorzien voor wie langer blijft werken.
Een van de laatste discussiepunten binnen de regering ging over de zogenoemde ‘pechdagen’. Dat zijn vijf dagen die kunnen worden ingezet om de pensioenmalus te vermijden voor mensen die net niet aan de vereiste werkvoorwaarde komen. CD&V pleitte ervoor om dat aantal uit te breiden, maar uiteindelijk blijft het bij vijf dagen. Wel werd afgesproken dat er nog een oplossing wordt gezocht voor bepaalde situaties, vooral bij deeltijds werkenden.
Het gaat bijvoorbeeld om mensen die door schommelingen in hun uurrooster sommige jaren net boven en andere jaren net onder de grens van 156 gewerkte dagen uitkomen. De minister laat nu analyseren hoeveel mensen op lange termijn gemiddeld wel aan die grens komen, maar toch getroffen zouden worden door de malus omdat ze in enkele jaren onder de limiet vallen. Voor die groep wordt mogelijk nog een uitzondering uitgewerkt. De bedoeling is dat hierover uiterlijk tegen de tweede lezing in het parlement duidelijkheid komt. De budgettaire impact moet beperkt blijven.
Daarnaast worden ook andere aanpassingen gedaan om de strengste effecten van de pensioenmalus te verzachten. Zo worden periodes van ziekte volledig gelijkgesteld met effectief gewerkte dagen. Daardoor zou het aantal vrouwen dat door de maatregel wordt getroffen gedeeltelijk verminderen.
Voor de toegang tot vervroegd pensioen blijft bovendien een soepelere regel gelden voor het eerste loopbaanjaar. Daar volstaan 104 gewerkte dagen in plaats van 156. Dat moet rekening houden met mensen die pas later in het jaar, bijvoorbeeld in september, aan hun eerste job beginnen.
Verder staat nu ook vast dat de militaire dienstplicht zal meetellen voor het nieuwe systeem van vervroegd pensioen vanaf 60 jaar na 42 effectief gewerkte jaren. Volgens minister van Defensie Theo Francken (N-VA) is dat een kwestie van erkenning. “Wie zijn legerdienst heeft vervuld, heeft zich ingezet in dienst van het land. Het is logisch dat dat correct wordt meegenomen in de pensioenrechten.”
Tot slot wil de regering het aandeel gelijkgestelde periodes in een werknemersloopbaan in de toekomst beperken tot maximaal 20 procent. De inkomensgarantie-uitkering (IGU) voor deeltijds werkenden valt niet onder die beperking, zo klinkt het in kringen van Vooruit. Die uitkering, toegekend via de RVA, zorgt ervoor dat het inkomen van deeltijds werkenden minstens gelijk is aan een werkloosheidsuitkering. Ongeveer 80 procent van de ontvangers zijn vrouwen. Minister Jambon geeft maandagochtend een technische briefing met meer uitleg over de pensioenhervorming. Daarna start de parlementaire behandeling van het ontwerp.