Syensqo-Solvay: Ilham Kadri of de val van een ster van het Belgische kapitalisme (opinie)
Er zijn dossiers die veel meer zeggen dan een simpel incident. De zaak-Ilham Kadri behoort tot die categorie. Want wat hier speelt, gaat veel verder dan de persoon van de voormalige topvrouw van Solvay en Syensqo. Het legt een hele mechaniek van het mondaine Belgische kapitalisme bloot, naakt, ruw, enigszins ongemakkelijk: een systeem dat in serie iconen produceert.
Gepubliceerd door Nicolas de Pape
Samenvatting van het artikel
— De recordverloning van Ilham Kadri contrasteert scherp met de waardevernietiging na de opsplitsing van Solvay.
— De zaak legt een “hofkapitalisme” bloot waarin storytelling en netwerk zwaarder wegen dan prestaties.
— Bestuurders, aandeelhouders en media dragen samen verantwoordelijkheid voor deze collectieve misrekening.
Jarenlang werd Ilham Kadri op een voetstuk geplaatst. Overal uitgenodigd (zoals op de foto met Emmanuel Macron tijdens de European Industry Summit in Antwerpen). Geprezen in bestuurskringen. Verkocht als een uitzonderlijke leider, een inspirerende figuur, een moderne incarnatie van leiderschap. Tijdschriften bewierookten haar, commentatoren bewonderden haar, experts presenteerden haar als het levende bewijs dat het Belgische kapitalisme nog kampioenen kon voortbrengen.
Vandaag is het decor veranderd.
De ophef rond haar verloning – meer dan 40 miljoen euro voor haar laatste jaar aan het hoofd van Syensqo – is niet alleen schokkend door het bedrag op zich, dat eerder past bij een onderneming met een waardering van 500 miljard euro dan van 5,2 miljard. Ze komt bovendien tegen de achtergrond van een beursdebacle en een vernietiging van waarde. De opsplitsing van Solvay, voorgesteld als een geniale strategische zet die de aandeelhouderswaarde moest maximaliseren, lijkt steeds meer op een pijnlijke mislukking. De twee afzonderlijke entiteiten zijn samen minder waard dan het vroegere Solvay vóór de operatie. Dat is de harde realiteit.
Men zei ons dat we de visie moesten bewonderen. Vandaag dringen de cijfers zich op. Een bedrijf dat onderuitgaat, beleggers die met grote ogen toekijken, miljarden aan waarde die in iets meer dan een jaar zijn verdampt, en bovenaan: faraonische vergoedingen. Dit is een schoolvoorbeeld van slecht bestuur.
Het meest frappante in deze zaak is trouwens niet eens het absolute niveau van de verloning. Het is het contrast tussen de buitensporige beloningen en de zwakke resultaten. In een normaal kapitalisme wordt waardecreatie beloond. In een hofkapitalisme worden verhaal, netwerk, imago en storytelling beloond – mevrouw Kadri sierde de cover van het magazine Elle. Dat is wat de zaak-Syensqo blootlegt.
Ook de rol van de raden van bestuur en de historische referentieaandeelhouders moet worden benoemd. Want wie heeft dit goedgekeurd? Wie heeft deze logica laten gedijen? Wie heeft de opsplitsing en de bonussen toegejuicht? Wie zich vandaag “misleid” of “gehypnotiseerd” noemt, is vooral medeplichtig geweest. Men heeft in het verhaal willen geloven – en draagt daar dus verantwoordelijkheid voor.
Het probleem is niet dat een vrouwelijke topmanager – overigens een uitstekende onderhandelaar – te veel in de verf is gezet. Het probleem is dat een bestuurder, zoals zovele vóór haar, werd verheerlijkt nog vóór zij haar waarde op lange termijn had bewezen. Het probleem is dat het media-, financiële en bedrijfswereldje leeft in het moment. Het heeft nood aan gezichten, verhalen, symbolen. Of er effectief waarde wordt gecreëerd, lijkt bijkomstig. Zelfs de rekening die later door aandeelhouders, werknemers of de geloofwaardigheid van het bedrijf wordt betaald, telt niet mee.
Solvay is nochtans een zwaar, historisch industrieel verhaal. Een vlaggenschip gebouwd op de lange termijn, op soliditeit en continuïteit. Men wilde modern en briljant zijn. Wat men vandaag oogst, is strategische mist, beurswantrouwen en een zekere gêne. Een cultuur van voorzichtigheid en substantie werd opgeofferd aan managementmoden en de cultus van de ster-CEO.
Misschien kan deze zaak alsnog heilzaam zijn, als ze als wake-upcall dient. Dat men ophoudt om wat soms louter communicatie is, als genialiteit te beschouwen. Dat er opnieuw wat nederigheid komt in raden van bestuur, wat geheugen bij grote aandeelhoudersfamilies, wat strengheid in de media.
En vooral: dat men eindelijk begrijpt dat experts niet onfeilbaar zijn. Integendeel. In het dossier-Kadri hebben ze zich vergist. En grondig.