Een op vier ouders opent al spaarrekening voor hun kind voor de eerste verjaardag
De Belgen openen vrij vroeg een spaarrekening voor hun kind. Uit een rondvraag van de grootbank BNP Paribas Fortis bij 1.600 ouders met kinderen tussen 0 en 18 jaar blijkt dat één op de vier dat al doet voor zoon- of dochterlief één jaar oud is.
Gepubliceerd door Niels Saelens
Samenvatting van het artikel
Veel Belgische ouders openen al op jonge leeftijd een spaar- of zichtrekening voor hun kind, al maken velen zich zorgen over financiële verantwoordelijkheid, onlineaankopen en veiligheid.
Ouders in België vinden het belangrijk dat hun kind vroeg leert omgaan met geld. Daarom opent 25 procent een spaarrekening voor hun nageslacht voor hun eerste verjaardag. De helft van de kinderen (52%) bezit een eigen spaarrekening voor ze twee jaar oud worden. Van de minderjarigen die een spaarrekening hebben, kreeg 70 procent die voor de 10e verjaardag. In de leeftijdscategorie van 0 tot 6 jaar is 40 procent houder van een spaarrekening. Dat percentage stijgt tot 45 procent bij 7- tot 14-jarigen en tot 62 procent in de categorie 15 tot 17 jaar.
Jongeren moeten iets langer wachten voor ze toegang krijgen tot een zichtrekening. De gemiddelde leeftijd waarop dat gebeurt, bedraagt 10 jaar, leert het onderzoek van BNP Paribas Fortis ons. Bij slechts 26 procent gebeurt dat vóór die leeftijd. In de oudste leeftijdscategorie (15-17 jaar) is 73 procent houder van een zichtrekening, bij de 10- tot 14-jarigen is dat voor 37 procent van de jongeren het geval. Voorts blijkt dat jongeren gemiddeld op hun 12e verjaardag een debetkaart en toegang tot een mobiele bankenapp krijgen.
Eenvoudige manier om geld te geven
Een van de belangrijkste redenen waarom ouders op jonge leeftijd een zicht- en/of spaarrekening voor hun kind openen, is omdat het een eenvoudige manier is om hen geld te geven. Het brengt de kinderen bovendien financiële verantwoordelijkheid bij, een reden die voornamelijk van belang is bij ouders van kinderen tussen 10 en 17 jaar.
Voor de helft van de ouders van 15- tot 17-jarigen (51%) is zelfstandigheid ook een belangrijk criterium bij de beslissing om een rekening te openen, omdat de minderjarige dan zelf betalingen kan doen. Ten slotte is controle over de financiën een belangrijke overweging, ongeacht de leeftijd van het kind.
Dat neemt niet weg dat veel ouders hun kind te jong vinden voor een spaar- of zichtrekening. Bij ouders van kinderen in de categorieën 0-6 jaar en 7-9 jaar gaat het om respectievelijk 61 en 67 procent. Bij kinderen van 10 tot 14 jaar gaat het nog om de helft (49%) van de ouders en, opvallend, 3 op de 10 (30%) ouders van jongeren tussen 15 en 17 jaar oud vinden dat zoon of dochter nog niet oud genoeg is om een eigen bankrekening te hebben.
Meer dan helft ouders is bezorgd dat kind te veel geld zal uitgeven
Een zichtrekening voor hun kind brengt dan ook enkele kopzorgen met zich mee. Volgens de bevraging van de grootbank is 58 procent van de respondenten bang dat hun kind te veel geld zal uitgeven zodra het een zichtrekening heeft. Ruim 6 op 10 ouders (61%) uiten ongerustheid over onlineaankopen.
Daarnaast heeft 88 procent van de ouders minstens één zorg op het vlak van veiligheid. Die bezorgdheid neemt af naarmate de leeftijd van de minderjarige stijgt. 74 procent maakt zich zorgen over fraude en phishing. 65 procent heeft schrik dat de privégegevens van het kind onvoldoende beschermd zullen zijn en bijna evenveel (62%) ouders vrezen het verlies of de diefstal van de bankkaart.