Pensioenhervorming: ondanks de controverse rond kunstenaars houdt de meerderheid vast aan haar koers
Ondanks een protestactie van werknemers uit de kunstensector en verschillende amendementen van de oppositie, houdt de federale meerderheid vast aan de stemming over de pensioenhervorming van minister Jan Jambon. De regering belooft wel de impact van de hervorming op bepaalde artistieke loopbanen verder te onderzoeken.
Gepubliceerd door Demetrio Scagliola
Samenvatting van het artikel
Er blijft controverse bestaan rond de pensioenhervorming van Jambon. De oppositiepartijen waarschuwen dat de regeling kunstenaars bijzonder hard treft.
De pensioenhervorming van minister van Pensioenen Jan Jambon (N-VA) zet donderdag een nieuwe stap in de Kamer. Ondanks de kritiek van de oppositie en het protest uit de cultuursector zal het wetsontwerp, dat bepaalde gelijkgestelde periodes in de pensioenberekening wil beperken, worden goedgekeurd door de meerderheidspartijen.
De controverse draait om een regeling die bepaalde gelijkgestelde, niet-gewerkte periodes in de berekening van het wettelijk pensioen geleidelijk terugschroeft.
Geleidelijke beperking van gelijkgestelde periodes
Concreet zal voor pensioenen die ingaan vanaf 1 juli 2027 het aantal gelijkgestelde periodes dat recht geeft op een pensioen, worden begrensd tot een maximaal percentage van de loopbaan.
De maatregel geldt onder meer voor periodes van onvrijwillige werkloosheid (met uitzondering van tijdelijke werkloosheid), het stelsel van werkloosheid met bedrijfstoeslag (SWT, het vroegere brugpensioen) en bepaalde eindeloopbaanregelingen, zoals tijdskrediet op het einde van de loopbaan.
Periodes van ziekte, arbeidsongeschiktheid en zorgverloven blijven daarentegen volledig meetellen voor de pensioenberekening.
De maximale grens wordt geleidelijk verlaagd van 40 naar 20 procent, afhankelijk van het geboortejaar. Voor wie na 1968 is geboren, geldt de strengste limiet van 20 procent.
Werknemers uit de kunstensector geviseerd
De situatie van werknemers uit de kunstensector zorgt voor de grootste spanningen. De sector vreest dat loopbanen die vaak worden gekenmerkt door periodes van onvrijwillige inactiviteit, bijzonder zwaar zullen worden getroffen.
Woensdag vond hierover een protestactie plaats op het Vrijheidsplein, vlak bij het federale parlement.
De meerderheid verzekert, in het licht van de bezorgdheden, dat er nog altijd wordt gezocht naar een oplossing. Namens Les Engagés verklaarde Kamerlid Isabelle Hansez dat er binnen de regering gesprekken lopen om de specifieke situatie van kunstenaars te onderzoeken vóór de hervorming in werking treedt.
Ook bij de MR klinkt een gelijkaardig geluid. "We hebben nog enkele maanden om te bekijken of er iets moet worden bijgestuurd", verklaarde Kamerlid Benoît Piedboeuf. Hij benadrukte wel dat volgens hem slechts een beperkt aantal kunstenaars daadwerkelijk door de maatregel zou worden getroffen.
Jambon belooft bijkomende analyse
Tijdens de plenaire vergadering werd Jan Jambon hierover ondervraagd. De minister bevestigde dat de regering de analyse van het dossier zal voortzetten.
Volgens de minister zouden enkel bepaalde kunstenaars die vóór 2014 meer dan acht jaar aan gelijkgestelde periodes hebben opgebouwd, gevolgen kunnen ondervinden. De keuze voor dat jaar als scharnierdatum is precies een van de elementen die opnieuw zal worden bekeken.
De minister benadrukte wel dat de regering nog geen formele beslissing heeft genomen en dat een eventuele aanpassing zal worden besproken vóór de hervorming in werking treedt.
Oppositie hekelt de manier waarop de hervorming wordt doorgedrukt
De garanties van de meerderheid hebben de oppositiepartijen niet kunnen overtuigen. PS, Ecolo-Groen, PTB/PVDA en DéFI pleitten voor een onmiddellijke aanpassing van de tekst of een uitstel van de stemming.
Pierre-Yves Dermagne (PS) stelde dat er al oplossingen bestaan om werknemers uit de kunstensector te beschermen. Caroline Désir (PS) betreurde dan weer dat het probleem, dat al maanden bekend is, nog altijd niet is aangepakt.
Sarah Schlitz (Ecolo-Groen) vroeg tevergeefs om de stemming uit te stellen, zodat de regering meer tijd zou krijgen om een oplossing te vinden. François De Smet (DéFI) betwistte op zijn beurt het technische argument van de meerderheid dat bepaalde historische gegevens ontbreken.
Ondanks die kritiek bevestigden MR en Les Engagés dat ze alle door de oppositie ingediende amendementen zouden verwerpen.
Het ABVV heeft al aangekondigd dat deze maatregel deel zal uitmaken van het beroep dat de vakbond wil indienen bij het Grondwettelijk Hof tegen de pensioenhervorming van de regering-Arizona.
Volgens de meerderheid moet de hervorming ervoor zorgen dat gelijkgestelde periodes in de pensioenberekening gerichter worden behandeld en dat de betaalbaarheid van het systeem op lange termijn wordt versterkt. Tegenstanders vrezen daarentegen dat bepaalde atypische loopbanen, met name in de kunstensector, zwaar zullen worden benadeeld.