"Te online" of "te offline": in beide gevallen leef je in een andere werkelijkheid
De wereld is verdeeld in mensen die "te online" zijn en mensen die "te offline" zijn. De eersten verdrinken in Twitter-drama's, raken verstrikt in hypes en verliezen elk contact met de realiteit. De tweede groep zijn de mensen die geloven wat er op televisie gezegd wordt.
Gepubliceerd door Dominique Dewitte
Samenvatting van het artikel
Andreessens onderscheid tussen 'te online' en 'te offline' klopt intuïtief, maar de academische literatuur toont aan dat het echte probleem niet mediagebruik is, maar hoe gemeenschappen omgaan met externe stemmen.
Gesprek tussen beiden is onmogelijk
Voormelde analyse komt van de Amerikaanse techinvesteerder Marc Andreessen. Hij formuleerde ze onlangs scherp in de podcast van Joe Rogan. Wie te veel online is, wordt volgens Andreessen volledig opgeslorpt door bizarre internetdrama's — en vergeet dat Twitter niet het echte leven is. Wie niet online genoeg is, gelooft zomaar wat tv en kranten voorschotelen. Een ander soort probleem, maar even reëel. Het gevolg, aldus Andreessen, is dat iedereen die hij kent in één van die twee werelden leeft. Een productief gesprek tussen beide groepen is zo goed als onmogelijk. De’te offline’ hebben geen idee waar de ‘te online’ het over hebben.
Een "werkelijkheidsbubbel" of een "echokamer"
De intuïtie van Andreessens analyse klopt, maar zijn diagnose is te simpel. Filosoof C. Thi Nguyen maakt in Echo Chambers and Epistemic Bubbles (Episteme, 2020) een onderscheid dat Rogan en Andreessen over het hoofd zien. Wie "te offline" is, leeft in wat Nguyen een epistemic bubble noemt. Daarmee bedoelt hij een werkelijkheidsbubbel of een omgeving waar alternatieve stemmen simpelweg afwezig zijn, maar niet actief worden tegengehouden.
Wie "te online" is, zit eerder in een echo chamber: een structuur waar buitenstaanders niet alleen ontbreken, maar systematisch worden gediskrediteerd. Dat verschil is cruciaal. Een epistemic bubble is relatief makkelijk te doorbreken, blootstelling aan nieuwe informatie volstaat. In een echo chamber kan dat niet: tegenbewijs wordt bij voorbaat ongeldig verklaard, waardoor elke rationele uitwisseling stilvalt.
Het "gezonde midden" is een luchtspiegeling
Rogans remedie om "ergens een gezond midden vinden”, klinkt logisch maar houdt empirisch weinig stand. Onderzoek van Bail et al. (2018) toont aan dat blootstelling aan tegengestelde standpunten polarisatie zelfs kan versterken. Republikeinen die bewust liberale content volgden op Twitter werden gemiddeld conservatiever.
Het echte breukvlak loopt dan ook niet langs online versus offline, maar langs de vraag hoe een gemeenschap omgaat met externe stemmen: negeert ze die, of maakt ze die actief ongeloofwaardig? Dat onderscheid doorsnijdt zowel sociale media als traditionele media en laat zich niet oplossen met Andreessens remedie van een "gezond midden", die Rogan hem gretig naknikte.