Alleenstaande huurders spenderen meer dan de helft van hun inkomen aan een appartement
Het gaat niet in de goede richting met de betaalbaarheid van de woningen in Vlaanderen. De huishoudens moeten een almaar groter deel van hun budget spenderen aan een dak boven hun hoofd. Voor een alleenstaande huurder gaat het om 55 procent van het beschikbare inkomen.
Gepubliceerd door Niels Saelens
Samenvatting van het artikel
De betaalbaarheid van wonen in Vlaanderen verslechtert verder, met stijgende woonlasten voor zowel huurders als kopers.
De woonlasten in Vlaanderen zijn tussen 2024 en 2025 toegenomen, zowel voor alleenstaanden als gezinnen. Dat blijkt uit de nieuwe Woonbalans van Embuild. De sectororganisatie baseerde zich voor dat onderzoek op de twee meest voorkomende situaties: alleenstaanden die een appartement huren en tweeverdieners die samen een huis kopen.
Ruim helft van budget alleenstaande gaat naar huurwoning
Een single besteedde vorig jaar 55 procent van zijn inkomen aan een huurappartementent, tegenover 54 procent in 2024. Dat is een forse hap uit het budget. Algemeen wordt aangenomen dat dit 30 procent van het inkomen mag zijn. Als die grens overschreden wordt, dreigen mensen in de problemen te komen met hun betalingen.
Veel alleenstaanden beschikken door de opgelopen vastgoedprijzen niet altijd over voldoende financiële middelen om een eigen woonst te kopen, en worden daardoor gedwongen om te huren.
In Vlaams-Brabant is het betaalbaarheidsrisico het grootst. De woonlasten in die provincie zijn goed voor 66 procent van het budget van de huurder. Antwerpen (64%) doet het op dat vlak niet veel beter. West-Vlaanderen zit daar een stuk onder met huurders die 50 procent van hun budget aan de woonlasten uitgeven.
Ook woning bezitten neemt grote hap uit gezinsbudget
Al neemt ook de aankoop van een eigen woning een grote hap uit het maandelijkse gezinsbudget. Embuild Vlaanderen onderzocht ook hoeveel koppels met een eigen woning in 2025 aan hun vastgoeddroom spendeerden. Dat komt neer op 34 procent van het budget. Dat is toch een forse toename in vergelijking met 2021. Toen ging 27 procent van het beschikbare inkomen naar de woning.
Uit het onderzoek blijkt wel dat er grote regionale verschillen zijn. Tweeverdieners in Knokke-Heist spenderen maar liefst 69 procent van hun inkomen aan hun huis of appartement. Dat aandeel ligt in geen enkele andere Vlaamse gemeente zo hoog.
In en rond Antwerpen en de Brusselse randgemeenten wordt de kaap van 40 procent vaak ruim overschreden. Maar er zijn heel wat – vaak landelijke – gemeenten die onder de 30 procent duiken. Die gemeenten zijn vaak te vinden in West- en Oost-Vlaanderen en Limburg. Zo is Menen met 20 procent de meest betaalbare gemeente. Van de centrumsteden is het opvallend dat tweeverdieners die in Kortrijk en Roeselare een woonst kochten in 2025, gemiddeld 27,5 procent van het inkomen besteden aan woonlasten.
Vier factoren die een woning zo duur maken
Volgens Embuild is er niet één verklaring waarom de woonlasten in Vlaanderen zo hoog liggen. De organisatie spreekt van vier factoren die daar een impact op hebben: de hoge rentes, de stijgende kostprijs van de materialen, het aantal beschikbare woningen, en de hoge belastingdruk.
“Alle bouwpartners en beleidsmakers zijn zich bewust van de vele drempels om voldoende, sneller en kostenefficiënter te bouwen. Ook de recepten zijn nagenoeg bekend. Reduceer de hoge lasten op nieuwbouw. Realiseer een vergunningenrevolutie. Pak lokale beperkingen en de wildgroei aan regels aan. En hanteer een open model bij het realiseren van sociale huisvesting”, zegt Caroline Deiteren, directeur-generaal van Embuild Vlaanderen. “Want de sector heeft vandaag de capaciteit en de knowhow om meer te realiseren en nieuwe bouwmethoden toe te passen. Denk maar aan modulair en gestandaardiseerd bouwen. Hoe groter het volume aan zulke woonmodules, hoe lager de kostprijs. Mocht de productie op volle toeren draaien, kan er tot wel 8 procent bespaard worden op het totale kostenplaatje van een bouwproject.