Repressie, executies en oorlog eisen zware tol: Iran raakt uitgeput
Na de bloedige onderdrukking van protesten, executies en maanden oorlog lijkt een deel van de Iraanse bevolking aan het einde van zijn krachten. Tegenstanders van het regime zijn verdeeld over de Amerikaanse aanvallen. Tegelijk groeit de bitterheid tegenover het Westen, dat hen in de steek zou hebben gelaten.
Gepubliceerd door Harrison du Bus
Samenvatting van het artikel
De bloedige repressie van de protesten heeft diepe sporen nagelaten in Iran. De oorlog, executies en economische problemen vergroten de uitputting, terwijl tegenstanders van het regime verdeeld raken over Amerikaanse militaire interventie.
Tegelijk groeit bij sommige Iraniërs de bitterheid tegenover Europa en de Verenigde Staten. Ze verwijten het Westen veel over mensenrechten te spreken, maar weinig te doen wanneer Iraniërs zelf in opstand komen.
Nog maar enkele maanden geleden hoopte Yasmin op de val van de Islamitische Republiek. De 44-jarige Iraanse had een zware prijs betaald voor haar verzet. Tijdens de protesten van januari in Teheran sloegen veiligheidstroepen haar zo hard dat ze wekenlang niet kon werken.
Vandaag heeft die hoop plaatsgemaakt voor uitputting. Na de repressie, executies, oorlog en Amerikaanse aanvallen ziet ze nauwelijks nog een goede uitweg. “Een oorlog die niet bedoeld is om het regime te veranderen, schaadt uiteindelijk alleen gewone mensen”, vertelt ze aan The Times. Maar ook het alternatief vindt ze moeilijk te verteren. Een akkoord tussen het Westen en Teheran zou hetzelfde regime overeind houden dat zijn eigen bevolking bloedig heeft onderdrukt.
Die verscheurdheid loopt door de getuigenissen die de Britse krant verzamelde. Veel Iraniërs vrezen twee scenario's: het voortbestaan van de Islamitische Republiek én een aanslepende oorlog waarvan vooral de bevolking de prijs betaalt.
“Een onverwerkt collectief verdriet”
De zwaarste wonde dateert van de protesten in januari. De repressie nam zelfs naar Iraanse maatstaven uitzonderlijke proporties aan. Een betrouwbaar dodental bestaat nog altijd niet. De Iraanse autoriteiten erkenden 3.117 doden. Onafhankelijke organisaties documenteerden duizenden slachtoffers.
Andere ramingen, onder meer op basis van getuigenissen uit de Iraanse gezondheidszorg, liggen veel hoger. De internetblokkade maakte onafhankelijke controles bijzonder moeilijk. Amnesty International sprak over “bloedbaden” op onder meer 8 en 9 januari. Daarna volgden massale arrestaties, gedwongen verdwijningen en beperkingen van de communicatie. Ook gevangenen zouden zijn gemarteld en mishandeld.
De repressie stopte bovendien niet toen de betogers uit het straatbeeld verdwenen. Onder het mom van “oorlogsomstandigheden” versnelde het regime rechtszaken en executies. Duizenden mensen werden opgepakt. Eind juli werden twee betogers in het openbaar geëxecuteerd. Minstens drie anderen waren kort daarvoor terechtgesteld. Amnesty vreest dat zeker zestig mensen die met de protesten in verband worden gebracht eveneens geëxecuteerd kunnen worden.
Psychologen en psychiaters spreken in The Times over diepe psychologische wonden. Een van hen omschrijft de toestand als “een onverwerkt collectief verdriet”. Sommige families kregen nauwelijks de kans om afscheid te nemen van hun doden. Andere leven elke dag met de angst dat een familielid wordt geëxecuteerd. Daar kwamen de oorlog, vernielingen, internetstoringen en economische problemen bovenop.
Vrede of de val van het regime?
Voor tegenstanders van de Islamitische Republiek leidt dat tot een pijnlijk dilemma. Moeten ze hopen dat de oorlog stopt, ook als het regime daardoor overleeft? Of moeten ze Amerikaanse aanvallen steunen in de hoop dat die uiteindelijk tot zijn val leiden?
Jila, een psychotherapeute van in de dertig uit Teheran, zag in juli hoe twee jonge mannen die betrokken waren bij de protesten in het openbaar werden opgehangen. Daarna kon ze niet meer slapen. Toch hebben de Amerikaanse aanvallen haar opnieuw hoop gegeven. Ze wil dat de oorlog eindigt met de val van de Islamitische Republiek. Zelf is ze bereid “de prijs te betalen” als daar vrijheid tegenover staat.
Andere Iraniërs maken de omgekeerde keuze. Een 32-jarige vrouw uit Teheran hoopt vooral dat onderhandelingen een nieuwe oorlog onmogelijk maken. Ze wil democratie, maar via geleidelijke verandering. Voor de toekomst heeft ze intussen “geen enkele verwachting” meer.
De verdeeldheid loopt zelfs door families en vriendengroepen. De Iraans-Amerikaanse psychiater Noshene Ranjbar werkt met hulpverleners die patiënten in Iran begeleiden. Ze ziet hoe mensen hun woede uiteindelijk op elkaar richten. Op het regime, de Verenigde Staten of Israël hebben ze immers geen vat.
Zelfs tegenstanders van de machthebbers delen daardoor niet langer dezelfde toekomstvisie. Sommigen beschouwen buitenlandse interventie als hun laatste kans om de Islamitische Republiek ten val te brengen. Anderen vrezen dat een langdurige oorlog vooral Iran zal verwoesten, terwijl het regime overeind blijft.
“Hoe kunnen ze onverschillig blijven?”
Naast machteloosheid groeit bij sommige Iraniërs ook de woede tegenover het Westen. “President Trump, Europa en iedereen die beweert de mensenrechten te verdedigen, hebben hun ogen gesloten voor Iran en zijn stil gebleven”, zegt Jila.
Azadeh Afsahi, oprichter van Iran House in Los Angeles, helpt slachtoffers van foltering en voormalige politieke gevangenen. Ook bij hen merkt ze dezelfde bitterheid. Ze begrijpen niet waarom westerse democratieën nauwelijks reageren op wat de Iraanse bevolking wordt aangedaan.
Intussen gaat de ellende verder dan politiek. Hulpverleners beschrijven een bevolking die tegelijk kampt met inflatie, financiële problemen en tekorten aan geneesmiddelen. Psychiaters moeten behandelingen aanpassen omdat bepaalde medicijnen niet meer beschikbaar of onbetaalbaar zijn.
Een verpleegkundige in Teheran ziet bovendien steeds meer jonge mensen na een zelfmoordpoging in de zorg belanden. Hamid Yaghoubi, directeur van de Iraanse wetenschappelijke vereniging voor zelfmoordpreventie, wees begin mei al op de psychologische gevolgen van de oorlog. Ook de verslechterende economische omstandigheden wegen zwaar.
Diplomatie staat ver van het dagelijkse leven
Ondertussen blijft de internationale crisis aanslepen. Teheran weigert de Straat van Hormuz volledig te heropenen zonder Amerikaanse toegevingen. Iran eist onder meer compensaties voor de oorlogsschade. De Iraanse autoriteiten ontkennen dat ze rechtstreeks met Washington onderhandelen. Donald Trump zegt daarentegen dat er achter de schermen wel gesprekken plaatsvinden.
Voor veel Iraniërs staat die diplomatie ver van hun dagelijkse werkelijkheid. Jila vertelt hoe ze bij het begin van de oorlog zelf instortte toen de overheid het internet afsloot. Vrienden in het buitenland overtuigden haar om door te gaan. Ze blijft hopen dat ze ooit de val van de Islamitische Republiek zal meemaken. Tot dan probeert ze vooral vol te houden. “We proberen gewoon door te gaan.”