Trump valt Iran opnieuw aan na vernietiging van Apache-helikopter nabij Straat van Hormuz
De Verenigde Staten hebben nieuwe aanvallen uitgevoerd op Iraanse militaire doelwitten nadat een Amerikaanse Apache-gevechtshelikopter werd neergehaald nabij de Straat van Hormuz. Teheran zegt op zijn beurt Amerikaanse installaties in de regio te hebben aangevallen, waardoor een al wankel staakt-het-vuren verder onder druk komt te staan.
Gepubliceerd door Harrison du Bus
Samenvatting van het artikel
Na de vernietiging van een Amerikaanse Apache-helikopter nabij de Straat van Hormuz voerden de Verenigde Staten nieuwe aanvallen uit op Iran, waardoor de toch al broze wapenstilstand verder onder druk komt te staan.
De wapenstilstand tussen Washington en Teheran heeft er zelden zo broos uitgezien. In de nacht van dinsdag op woensdag voerden de Verenigde Staten een nieuwe reeks luchtaanvallen uit op Iran nadat een Amerikaanse Apache-helikopter werd vernietigd nabij de Straat van Hormuz. Twee Amerikaanse militairen die na het incident in zee terechtkwamen, konden worden gered. Toch leidde het voorval onmiddellijk tot een nieuwe militaire escalatie in een regio waar elk incident het Midden-Oosten verder kan destabiliseren.
Volgens het Amerikaanse Centraal Commando hebben gevechtsvliegtuigen van de Amerikaanse luchtmacht en marine Iraanse luchtverdedigingssystemen, controleposten en radars nabij de Straat van Hormuz aangevallen. Washington omschrijft de bombardementen als “zelfverdediging”, uitgevoerd op bevel van president Donald Trump als reactie op recente aanvallen tegen Amerikaanse troepen en commerciële schepen in de regio.
Teheran zegt op zijn beurt te hebben teruggeslagen. De Iraanse Revolutionaire Garde verklaarde drones te hebben ingezet tegen de Amerikaanse Vijfde Vloot in Bahrein en raketten te hebben afgevuurd op Amerikaanse installaties in Jordanië. Volgens eerste Amerikaanse beoordelingen werden de meeste projectielen onderschept en vielen er geen Amerikaanse slachtoffers. Jordanië zegt vijf Iraanse raketten te hebben neergehaald, terwijl Koeweit melding maakt van onderschepte luchtaanvallen.
Hormuz, het brandpunt van de crisis
De crisis speelt zich af rond de Straat van Hormuz, een van de strategisch belangrijkste maritieme doorgangen ter wereld. Onder normale omstandigheden passeert ongeveer een vijfde van de wereldwijde olie- en gasexport via deze smalle zeestraat. Sinds het conflict tussen de Verenigde Staten, Israël en Iran is opgelaaid, wordt het scheepvaartverkeer er ernstig verstoord, wat de energieprijzen opdrijft en de financiële markten zenuwachtig maakt.
De neergehaalde Apache patrouilleerde in dit gebied toen het incident plaatsvond. Volgens Amerikaanse functionarissen, geciteerd door de Wall Street Journal, werd het toestel waarschijnlijk geraakt door een Iraanse Shahed-drone voor de kust van Oman. De exacte omstandigheden worden nog onderzocht.
Iran suggereert echter dat er mogelijk geen sprake was van een opzettelijke aanval. Minister van Buitenlandse Zaken Abbas Araghchi verklaarde dat buitenlandse troepen die dicht bij Iraans grondgebied opereren blootstaan aan “menselijke fouten”, “ongevallen” of het risico om tussen twee vuren terecht te komen. Na de Amerikaanse aanvallen verhardde hij echter zijn toon en waarschuwde hij dat Iran geen enkele aanval of dreiging onbeantwoord zal laten.
Trump twijfelde eerst
Een opvallend detail uit Washington is dat Trump aanvankelijk niet overtuigd zou zijn geweest van de noodzaak om terug te slaan. In gesprekken met de Wall Street Journal zou hij het incident hebben geminimaliseerd omdat de piloten niet zwaar gewond waren geraakt.
Volgens Amerikaanse media veranderde hij van mening na een briefing in het Witte Huis met minister van Defensie Pete Hegseth en generaal Dan Caine. Zij zouden nieuwe informatie hebben voorgelegd over de drone die de Apache trof. Enkele uren later werden drie aanvalsgolven tegen Iraanse installaties uitgevoerd.
Die beslissing illustreert het dilemma waarmee Trump wordt geconfronteerd. Enerzijds zegt hij een akkoord met Teheran te willen sluiten om de oorlog te beëindigen, de Straat van Hormuz te heropenen en het Iraanse nucleaire programma te beperken. Anderzijds kan hij zich politiek moeilijk veroorloven de indruk te wekken dat Iran zonder gevolgen een Amerikaans toestel kan neerhalen.
Militairen gered door onbemand schip
Het incident kende ook een opmerkelijke technologische dimensie. De twee bemanningsleden van de Apache brachten ongeveer twee uur door in het water voordat ze werden gered door een Amerikaans onbemand vaartuig. Volgens de Amerikaanse marine was dit een primeur.
Het ging om een Corsair-boot van het bedrijf Saronic Technologies, een autonoom oppervlakteschip dat meer dan 1.600 kilometer kan afleggen en aanzienlijke ladingen kan vervoeren. Het toestel maakt deel uit van Task Force 59, een eenheid gespecialiseerd in maritieme drones in het Midden-Oosten.
Onder bescherming van MQ-9 Reaper-drones en gevechtsvliegtuigen werden de twee militairen door het autonome schip opgepikt en vervolgens naar veiligere wateren gebracht, waar ze verder werden geëvacueerd.
Een steeds fictievere wapenstilstand
Officieel geldt sinds 8 april een staakt-het-vuren tussen de Verenigde Staten en Iran. In de praktijk wordt dat echter steeds vaker geschonden door wederzijdse aanvallen en vergeldingsacties.
De afgelopen weken kwamen Amerikaanse en Iraanse troepen herhaaldelijk met elkaar in aanraking in en rond de Straat van Hormuz. Washington houdt een maritieme blokkade rond Iraanse havens in stand, terwijl Teheran de druk opvoert op commerciële schepen en Amerikaanse militaire middelen in de regio.
De vernietiging van de Apache vormt daarbij een nieuwe escalatie. Volgens een parlementair rapport zouden sinds het begin van de oorlog tegen Iran, die door de regering-Trump “Operation Epic Fury” wordt genoemd, minstens 42 Amerikaanse vliegtuigen, helikopters of drones beschadigd of vernietigd zijn.
Ook Israël en Libanon zorgen voor spanningen
Naast de Amerikaans-Iraanse crisis blijft ook het conflict tussen Israël en Libanon voor onrust zorgen. Israëlische aanvallen gingen dinsdag verder in Zuid-Libanon, onder meer rond de havenstad Tyre. Volgens het Libanese ministerie van Volksgezondheid kwamen daarbij minstens acht mensen om het leven en raakten 32 anderen gewond.
De aanvallen zijn gericht tegen Hezbollah, een bondgenoot van Teheran, en bemoeilijken de gesprekken tussen Washington en Iran. Teheran eist dat ook het Libanese front wordt meegenomen in eventuele de-escalatiegesprekken, terwijl Israël zijn militaire vrijheid van handelen wil behouden.
Trump verklaarde dat hij contact had met Benjamin Netanyahu en dat hij zowel Israël als Iran ertoe had aangezet elkaar nog een week met rust te laten. Maar juist die uitspraak toont hoe fragiel de situatie blijft. Eén raket, drone-aanval of luchtaanval kan voldoende zijn om de diplomatieke inspanningen volledig te ondermijnen.
Olieprijzen en Amerikaanse verkiezingen
De militaire spanningen hebben ook onmiddellijke economische gevolgen. De Brent-olieprijs steeg kortstondig tot boven 93 dollar per vat, terwijl de Amerikaanse WTI-prijs richting 90 dollar ging. Hoewel de stijging voorlopig beperkt blijft, onderstreept ze de nervositeit van de markten over mogelijke verstoringen in de Straat van Hormuz.
Voor Trump speelt bovendien een binnenlands belang. De oorlog heeft de brandstofprijzen in de Verenigde Staten al doen stijgen, net nu de tussentijdse verkiezingen dichterbij komen. De president probeert daarom twee tegenstrijdige doelstellingen te combineren: hard optreden tegen Iran zonder verzeild te raken in een langdurige oorlog die militair, economisch en politiek zwaar kan doorwegen.
Washington en Teheran zeggen nog steeds een diplomatieke oplossing na te streven. Op het terrein tekenen luchtaanvallen, blokkades, drones en vergeldingsacties echter een ander beeld: dat van een oorlog die steeds minder verborgen blijft en waarbij elk incident het risico op een regionale brand verder vergroot.