Olie krijgt alle aandacht, maar fosfaat bepaalt wie straks eet
Terwijl de wereld olieprijzen in de gaten houdt, ontwikkelt zich in de meststoffenmarkt een stillere, maar minstens even gevaarlijke dreiging voor de mondiale voedselproductie.
Gepubliceerd door Dominique Dewitte
Samenvatting van het artikel
- Niet olie, maar fosfaat en zwavel vormen momenteel de grootste bedreiging voor de wereldwijde voedselproductie.
- Door geopolitieke spanningen en exportbeperkingen staat de meststoffenmarkt zwaar onder druk, met stijgende prijzen en onzeker aanbod.
Verspreid over de landbouwregio’s van vier continenten loopt het zaaiseizoen ten einde, op boerderijen waarvan de uitbaters niet weten of de moleculen die ze nodig hebben om voedsel te produceren op tijd zullen aankomen. Die moleculen heten fosfaat en zwavel. Ze zijn minder zichtbaar dan olie, maar zonder hen groeit er letterlijk niets.
Het onzichtbare knelpunt
Sinds het conflict in het Midden-Oosten uitbrak, gingen alle alarmbellen af over ureum, de stikstofmeststof die boeren gebruiken voor de teelt van maïs. De prijzen stegen scherp door verstoringen in de Straat van Hormuz, die de aanvoer bedreigen. Wat daarbij grotendeels onderbelicht bleef, is de dreiging voor fosfaatmeststoffen, nochtans essentieel voor gewassen als soja, aardappelen en granen.
Om verder te lezen, abonneer u of gebruik een krediet.
Al abonnee? Inloggen