Ray Dalio: “Wereldoorlog is al begonnen en zal niet snel eindigen”
Ray Dalio bouwde 's werelds grootste hedgefonds op het idee dat geschiedenis zich herhaalt. Nu zegt hij dat we middenin een wereldoorlog zitten die niemand als zodanig benoemt. Terwijl commentatoren focussen op Iran, Gaza of Oekraïne als afzonderlijke crises, ziet Dalio iets anders: een klassiek patroon dat hij herkent uit vijf eeuwen geschiedenis. Dat patroon wijst niet op een tijdelijke verstoring, maar op een breuk.
Gepubliceerd door Dominique Dewitte
Dalio is niet de eerste de beste. Hij is de oprichter van Bridgewater Associates, het grootste hefboomfonds ter wereld, dat op zijn hoogtepunt meer dan 150 miljard dollar beheerde. Met een persoonlijk vermogen van circa 20 miljard dollar is hij een van de rijkste investeerders op aarde. Het is niet zijn fortuin dat hem onderscheidt, maar zijn methode. Hij bestudeerde 500 jaar geschiedenis om te begrijpen hoe de wereld in de toekomst zal werken. In een LinkedInpost slaat hij opnieuw alarm.
Verder kijken dan de nieuwscyclus
Dalio bouwde Bridgewater Associates op een ongewone filosofie: wie de grote patronen van de geschiedenis begrijpt, zal begrijpen waar markten naartoe gaan. Dat leverde hem een reputatie op als een van de meest accurate macro-economische denkers ter wereld. In 2008 voorspelde hij de financiële crisis, terwijl de meeste bankiers nog beweerden dat alles onder controle was.
In 2021 bundelde hij zijn inzichten in zijn besteller “Principles for Dealing with the Changing World Order”. Het boek telt 576 bladzijden, waarin Dalio uitlegt dat grote mogendheden een cyclisch patroon van opkomst, piek en verval volgen. Nu zitten we volgens hem in een kritieke overgangsfase.
Wat Dalio nu zegt
Begin april 2026 publiceerde Dalio op LinkedIn een nieuwe analyse. De titel laat weinig aan de verbeelding over: ‘We Are In A World War That Is Not Going To End Anytime Soon’. Zijn punt is niet dat er ergens een conflict gaande is, maar dat de meeste mensen de afzonderlijke vuurhaarden bekijken en geen verbanden leggen.
Die verbanden zijn er wel degelijk. De oorlog tussen Rusland en Oekraine, het conflict in Gaza en Libanon, de gevechten in Jemen en Soedan, en nu de directe confrontatie tussen de VS en Iran: het zijn geen losstaande crises. Volgens Dalio zijn het onderdelen van een klassieke wereldoorlog, vergelijkbaar met de Eerste Wereldoorlog . Ook die ontstond ut een reeks regionale conflicten die uiteindelijk met elkaar verweven raakten. Er was toen evenmin één officiële startdatum of een formele oorlogsverklaring die alles kantelde.
De allianties die tellen
Wat Dalio waardevol maakt, is zijn analyse van de machtsblokken en de posities van de betrokken partijen. China en Rusland steunen Iran. Noord-Korea en Cuba zitten in hetzelfde kamp. Aan de andere kant staan de VS, Oekraïne, Israël, de Golfstaten, Japan en Australië. Dat zijn geen losse samenwerkingsverbanden. Ze zijn zichtbaar in stemgedrag bij de Verenigde Naties, in handelsakkoorden, in wapenleveringen.
Eén voorbeeld dat Dalio geeft, verdient bijzondere aandacht. Er wordt beweerd dat China zwaar getroffen zou worden door de sluiting van de Straat van Hormuz, de waterweg waarlangs een groot deel van de olie uit het Midden-Oosten wordt verscheept. Dalio weerlegt dat. China koopt 80 tot 90 procent van de Iraanse olie-export op en die relatie is sterk genoeg om doorgang te garanderen.
Bovendien levert Rusland olie aan China, en heeft het land zelf strategische reserves voor 90 tot 120 dagen. China en Rusland zijn volgens Dalio de relatieve winnaars van dit conflict, niet de verliezers.
Amerika, de overspannen supermacht
Dalio introduceert ook een concept dat ongemakkelijk klinkt, maar historisch goed onderbouwd is: de overspannen dominante macht. De VS heeft 750 tot 800 militaire bases in 70 tot 80 landen. China heeft er één. Dat verschil legt bloot wie de zwaarste verplichtingen op zich heeft genomen en wie uiteindelijk de rekening betaalt.
Dalio trekt een parallel met vroegere imperia die te ver uitgestrekt raakten. De les van Vietnam, Irak en Afghanistan is duidelijk: militaire superioriteit wint geen langdurige oorlogen als de politieke wil om te volhouden ontbreekt. Nu de VS verwikkeld zijn in een oorlog in het Midden-Oosten, met tussentijdse verkiezingen in aantocht en weinig publiek draagvlak voor de Iraanse campagne, is het onwaarschijnlijk dat het land tegelijk een front in Azië of Europa kan openen. Iets wat Beijing waarschijnlijk ook heeft opgemerkt.
Stap negen in een bekende reeks
Dalio beschrijft een klassieke opeenvolging van dertien stappen die leidt tot grote oorlogen. Economische sancties, blokkades, alliantievorming, proxy-oorlogen, oplopende schulden, technologische wapenwedloop: die stappen zijn allemaal al gezet. Hij schat dat we nu op stap negen zitten: meerdere fronten die gelijktijdig actief worden. De volgende stap in die historische cyclus is directe militaire confrontatie tussen grote mogendheden. Dalio benadrukt uitdrukkelijk dat dit niet betekent dat die stap onvermijdelijk is. Hij is geen fatalist, maar zegt wel dat de logica van de cyclus in die richting duwt, tenzij er actief op wordt gestuurd. Iets waar op dit moment weinig bewijs van is.
Wat dit betekent voor Europa
Voor Europa is de boodschap helder, ook al wordt ze hier zelden zo scherp verwoord. Landen die rekenden op Amerikaanse bescherming kijken nu toe hoe die bescherming in de praktijk werkt of niet werkt. Elk land met een Amerikaanse basis op zijn grondgebied trekt zijn conclusies. Die herberekening is al aan de gang, aldus Dalio, en ze heeft historische precedenten.
Dalio sluit af met een historisch criterium dat ontnuchterend is. Volgens hem is de beste voorspeller van wie een oorlog wint, niet wie het machtigst is, maar wie het langst pijn kan verdragen. Op dat vlak, besluit hij, is de VS de meest overspannen grote macht die zich steeds opnieuw het zwakste toont in het uithouden van langdurige conflicten. Deze analyse, van iemand die vijftig jaar lang geld heeft verdiend door de wereld beter te lezen dan de rest, kan niet zomaar weggewuifd worden.