Regen brengt eindelijk verlichting in Hoge Venen na 3.000 hectare natuurbrand
Na vier dagen blussen krijgen de hulpdiensten in de Hoge Venen eindelijk hulp uit de lucht. Regen en minder wind hebben de opmars van het vuur richting Duitsland gestopt. Intussen is al zo’n 3.000 hectare in vlammen opgegaan. Ook twee Duitse legerhelikopters worden ingezet.
Gepubliceerd door Harrison du Bus
Samenvatting van het artikel
De natuurbrand in de Hoge Venen heeft ongeveer 3.000 hectare verwoest, maar de weersomstandigheden keren eindelijk in het voordeel van de hulpdiensten. Het vuur trekt niet langer richting Duitsland. Buitenlandse blushelikopters en vliegtuigen blijven de honderden mensen op het terrein ondersteunen.
Na vier dagen van een uitzonderlijk zware natuurbrand komt er voorzichtig goed nieuws uit de Hoge Venen. Maandagochtend viel er eindelijk regen in het getroffen gebied. Tegelijk is de wind gaan liggen en rukt het vuur niet langer op richting de Duitse grens.
De brand woedt sinds vrijdag en heeft intussen ongeveer 3.000 hectare verwoest. Daarmee gaat het om een van de grootste natuurbranden die België ooit heeft gekend. Verschillende burgemeesters spreken zelfs over de “ergste brand uit de Belgische geschiedenis”.
Maandagochtend kregen de hulpdiensten eindelijk de weersomstandigheden waarop ze al dagen hoopten. Rond Mont-Rigi, vlak bij het getroffen gebied, begonnen de eerste buien te vallen.
Het KMI verwacht maandagochtend tussen 1 en 5 millimeter neerslag. Dat is geen zondvloed, maar in combinatie met de hogere luchtvochtigheid en de afgenomen wind kan de regen het bluswerk aanzienlijk vergemakkelijken.
Opmars naar Duitsland gestopt
De betere weersomstandigheden hebben meteen effect. Het vuur rukte maandagochtend niet langer op richting de Duitse grens. Dat meldt het Duitse persagentschap DPA.
Zondag waren de vlammen nog tot op ongeveer 300 meter van Duitsland gekomen. De vrees bestond dat een aantrekkende of draaiende wind het vuur over de grens zou duwen.
“Dat is goed nieuws voor ons”, reageerde een woordvoerder van de brandweer vanuit de commandopost in Kalterherberg, een deelgemeente van Monschau. De lichte regen, hogere luchtvochtigheid en zwakkere wind maken het werk van de brandweerlieden een stuk makkelijker.
Op plaatsen waar de brandweer over de grond bij het vuur kan komen, lijkt de brand intussen onder controle. Ook het Belgische dorp Küchelscheid, op ongeveer twee kilometer van het getroffen gebied, wordt niet langer rechtstreeks bedreigd. De inwoners die zaterdag werden geëvacueerd, mogen voorlopig wel nog niet naar huis.
Ook Duitsers moesten hun huizen verlaten
Zondagavond zag de situatie er nog een stuk dreigender uit. Ook aan de Duitse kant van de grens moesten inwoners uit voorzorg hun woning verlaten.
Ongeveer dertig bewoners van zeventien woningen in Monschau werden geëvacueerd. De Duitse autoriteiten lieten onder meer twee straten in Kalterherberg ontruimen.
Tussen het vuur en de woningen werden weilanden overvloedig natgemaakt. Zo wilden de hulpdiensten een buffer tegen de vlammen creëren. Voorlopig zijn geen nieuwe evacuaties gepland.
Duitse legerhelikopters komen helpen
Ondertussen blijft ook buitenlandse hulp toestromen. Duitsland stuurt twee NH90-helikopters van de Bundeswehr. Ze worden uitgerust met zogenoemde Bambi Buckets, waarmee per vlucht ongeveer 2.000 liter water kan worden gedropt.
De Duitse helikopters worden in eerste instantie voor zeven dagen ingezet. Ze versterken een internationale luchtvloot die al boven de Hoge Venen actief is.
Daarbij zitten twee Nederlandse Chinook-helikopters, twee Zweedse blusvliegtuigen, helikopters van de federale politie en een Tsjechische helikopter. België activeerde eerder het Europese mechanisme voor civiele bescherming om de buitenlandse hulp te coördineren.
De twee Zweedse blusvliegtuigen voerden zondag hun eerste waterdroppings uit. Ze haalden hun water uit het Albertkanaal bij Wezet. Daardoor moest de scheepvaart er tijdelijk worden stilgelegd.
500 mensen in de weer
Ook op de grond blijft de inzet bijzonder groot. Zondagavond waren ongeveer 500 mensen en meer dan 120 voertuigen betrokken bij de operatie.
Naast brandweerlieden zijn onder meer de Civiele Bescherming, politie, militairen en medewerkers van het Département de la Nature et des Forêts actief. Ook tal van landbouwers helpen de hulpdiensten met water en logistieke ondersteuning.
Minister van Binnenlandse Zaken Bernard Quintin prees maandagochtend die solidariteit. Hij wees daarbij uitdrukkelijk op de hulp van de landbouwers.
Het terrein maakt de operatie bijzonder moeilijk. Grote delen van de Hoge Venen zijn moeilijk toegankelijk voor voertuigen. Bovendien zorgen getroffen sparrenbossen plaatselijk voor veel brandbaar materiaal.
Koning Filip bezoekt getroffen gebied
Ook koning Filip trekt maandag naar de getroffen regio. Hij wordt tegen het einde van de voormiddag verwacht in het provinciale crisiscentrum in Vottem. Daarna reist hij door naar de omgeving van de Hoge Venen.
De koning krijgt er uitleg over de situatie en de lopende blusoperaties. Vervolgens ontmoet hij hulpverleners die al dagen tegen de vlammen vechten.
Het Paleis laat weten dat Filip hen zijn steun wil betuigen en zich een beeld wil vormen van de omvang van de schade. Zaterdag had de koning de hulpdiensten, Defensie, landbouwers en Duitse brandweerlieden al bedankt voor hun inzet.
Gevaar nog niet geweken
Ondanks het betere weer blijven de autoriteiten voorzichtig. De brand is nog niet volledig onder controle. Het getroffen gebied blijft daarom afgesloten voor het publiek.
Ook verschillende wegen zijn nog dicht, waaronder een deel van de N68. Geëvacueerde inwoners kunnen voorlopig niet terug naar hun woningen. Voor hulpverleners en mensen die dicht bij de rook moeten blijven, zijn bovendien FFP2-maskers beschikbaar gesteld.
Toch lijkt maandag voor het eerst sinds het uitbreken van de brand een kentering ingezet. Regen, een hogere luchtvochtigheid en minder wind geven de hulpdiensten ademruimte. Na 3.000 verbrande hectare breidt het vuur zich voorlopig niet verder uit.