Hogere pensioenleeftijd duwt aantal actieve zelfstandigen naar nieuw record
De hogere pensioenleeftijd heeft het aantal actieve zelfstandigen in België naar een record geduwd. Nieuwe cijfers van het RSVZ tonen dat eind 2025 liefst 1,32 miljoen mensen actief waren als zelfstandige. Door de pensioenleeftijd van 66 jaar blijven meer mensen langer werken in hoofdberoep of bijberoep.
Gepubliceerd door Peter Backx
Samenvatting van het artikel
Door de hogere pensioenleeftijd blijven zelfstandigen langer actief, terwijl ook het aantal starters, studenten en buitenlandse ondernemers blijft stijgen.
Voor het eerst in 22 jaar daalde tegelijk het aantal zelfstandigen dat actief blijft na de pensioenleeftijd. Die groep kromp met 1,40 procent. Volgens het RSVZ hangt dat rechtstreeks samen met de nieuwe pensioenregels. Zelfstandigen die vroeger onder het statuut “na pensioenleeftijd” vielen, blijven nu langer geregistreerd als actieve zelfstandige in hoofdberoep of bijberoep. Daardoor stijgen de algemene cijfers opvallend sterker.
Daarnaast blijft ook de instroom van nieuwe ondernemers groot. In 2025 startten 129.414 mensen een zelfstandige activiteit of hernamen ze hun zaak. Dat is 5,14 procent meer dan in 2024. De combinatie van langer actief blijven én meer starters zorgt zo voor een absoluut recordaantal zelfstandigen in België.
Meer zelfstandigen blijven langer actief
De impact van de nieuwe pensioenregels is vooral zichtbaar bij zelfstandigen in hoofdberoep. Hun aantal steeg vorig jaar tot 820.978, een groei van 2,42 procent. Ook het aantal zelfstandigen in bijberoep blijft toenemen. Intussen combineren 352.517 Belgen een zelfstandige activiteit met een andere job. Vooral bij vrouwen in bijberoep is de stijging opvallend, met een groei van 3,87 procent.
Volgens het RSVZ kiezen veel mensen bewust voor langer actief blijven. Sommigen willen hun inkomen behouden, terwijl anderen hun zaak nog niet willen stopzetten. Bovendien blijft het zelfstandigenstatuut aantrekkelijk voor wie meer flexibiliteit zoekt of een eigen project wil uitbouwen.
Minister van Middenstand, Zelfstandigen en KMO’s Eléonore Simonet (MR) ziet in de cijfers een bevestiging dat ondernemerschap populair blijft. “Ook dit jaar stijgt het aantal zelfstandigen, in bijna alle categorieën. Die dynamiek toont aan dat het statuut aantrekkelijk is en blijft”, zegt Simonet.
Gemiddeld inkomen stijgt boven 23.500 euro
Niet alleen het aantal zelfstandigen stijgt, ook hun inkomsten nemen toe. De gemiddelde netto belastbare inkomsten, die gebruikt worden voor de berekening van de sociale bijdragen, bedroegen in 2025 gemiddeld 23.524,65 euro. Dat is een stijging van 4,10 procent tegenover een jaar eerder.
Het RSVZ geeft geen aparte gemiddelde inkomens voor zelfstandigen in hoofd- en bijberoep. In de praktijk liggen de inkomsten van zelfstandigen in hoofdberoep doorgaans wel hoger, omdat zelfstandigen in bijberoep vaak nog een loon uit een vaste job combineren met hun zelfstandige activiteit.
Toch blijven de verschillen tussen sectoren groot. Vrije beroepers hebben nog altijd de hoogste gemiddelde inkomsten, ondanks een lichte daling tegenover vorig jaar. Ook in de visserij lagen de inkomsten relatief hoog. Sectoren zoals handel, landbouw en dienstverlening zagen dan weer een duidelijke stijging van hun inkomsten.
Vrije beroepen blijven populairst
De vrije beroepen blijven bovendien de sterkste groeisector binnen het zelfstandig ondernemerschap. Die sector groeide vorig jaar met 3,47 procent. Het gaat onder meer om consultants, accountants, architecten, zorgverleners en juridische beroepen. Volgens het RSVZ blijven die activiteiten populair omdat ze vaak meer flexibiliteit bieden en relatief makkelijk zelfstandig kunnen worden uitgeoefend.
Ook de nijverheid en de dienstensector deden het goed. Enkel landbouw en visserij gingen licht achteruit, met een daling van 0,85 procent in de primaire sector.
Steeds meer studenten starten eigen zaak
Daarnaast blijft het aantal studenten met een eigen zaak stijgen. Eind 2025 waren 9.155 studenten actief als zelfstandige, een stijging van 5,04 procent. Vooral vrije beroepen, handel en nijverheid trekken jonge ondernemers aan. Het gaat vooral om studenten van twintig jaar en ouder.
Ook buitenlandse ondernemers blijven een belangrijke rol spelen. België telde eind 2025 in totaal 169.725 zelfstandigen met een buitenlandse nationaliteit. Dat zijn er 2,35 procent meer dan een jaar eerder. Buitenlandse zelfstandigen zijn bovendien goed voor 28,30 procent van alle starters. Vooral Roemenen, Fransen en Nederlanders blijven sterk vertegenwoordigd. Het aantal Roemeense en Franse starters steeg bovendien opvallend sterk.
Minder meewerkende echtgenoten
Daarnaast bevestigen de cijfers ook enkele andere trends. Het aantal meewerkende echtgenoten daalde opnieuw, dit keer met 7,64 procent. Tegelijk blijft ook het aantal zelfstandigen dat stopt met zijn activiteit stijgen. In 2025 stopten 6.145 extra zelfstandigen, goed voor een stijging van 9,15 procent tegenover het jaar voordien.
Simonet kondigt extra steunmaatregelen aan
Minister Simonet benadrukt dat de regering verder wil inzetten op ondersteuning voor zelfstandigen en kmo’s. “Ik blijf stappen zetten om het nog aantrekkelijker te maken, onder meer door de sociale bescherming en de concurrentiekracht van onze ondernemingen te versterken”, klinkt het. Ze verwijst daarbij naar maatregelen zoals extra moederschapsverlof voor zelfstandigen, administratieve vereenvoudiging en een betere toegang van kmo’s tot overheidsopdrachten.